Homepage van het Veenendaals Kamerkoor

In de kranten..

 

Start
Omhoog

Van onze concerten verschijnen regelmatig recensies in de pers. Van concerten waarvan geen recensie is verschenen worden ook wel losse verslagen opgenomen. U kunt kiezen uit onderstaande berichten:

Verslag concert van 8 november 2008 "Muziek voor koningen en koninginnen"
Artikel uit De Gelderlander van 22-05-2006 door Antonie den Ridder
Artikel "Veenendaalse Krant" over de Dido & Aeneas op 19 november 2003
Recensie concert op 5 juni 2002 uit "De Gelderlander"
Recensie concert op 18 november 2001 uit "NH Dagblad"
Verslag concert op 17 november 2001 in Veenendaal.

"Muziek voor koningen en koninginnen" - zaterdag 8 november 2008

Een hele avond Händel, wordt dat niet saai? Die vrees bleek uitermate ongegrond, moet ik bekennen, na dit zeer overtuigende concert van het Veenendaals Kamerkoor met medewerking van een prachtig barokensemble en dito solistenkwartet. Het geheel stond onder de strakke leiding van dirigent Herman Mussche, die op overtuigende wijze het hele spectrum aan emoties liet opklinken uit koor, orkest en solisten.

Uit de muziek voor koningen en koninginnen uit Händels Engelse periode bracht het orkest eerst de vierdelige ouverture voor het oratorium Saul, afgewisseld met twee minder bekende aria's uit de 'Anthem for the wedding of Frederick and Augusta'. 

Volgens de introductie van de welsprekende voorzitter van het koor speelden er instrumentalisten uit verschillende Europese landen, Australië, Zuid-Amerika en Azië in het  elfkoppige orkest. De orkestklank was er niet minder homogeen om. Het speelplezier straalde van het multiculturele gezelschap af. Soepele strijkers en warme blazers, allen op oude instrumenten, en een perfect in elkaar grijpende continuo toonden een subtiele beheersing van legato en staccato passages en reageerden als één instrument op de heldere slag van de dirigent. De Estlandse sopraan Maria Valdmaa en de Nederlandse bas Robert Brouwer vielen in positieve zin op. Met grote souplesse en ruim volume vulden ze de kerk met feestmuziek. Het massaal toegestroomde publiek beloonde hun optreden met een gul applaus, ook op momenten waar dat eigenlijk minder passend was, maar het tekende wel het grote enthousiasme.

Na het oratorium brachten koor en orkest  de driedelige Coronation Anthem 'Let thy hand be strengthened'. Het Veenendaals kamerkoor liet zich hier van zijn beste kant horen en mengde heel natuurlijk met het orkest. Opvallend waren de mooie balans in het koor, de zuiverheid en de dynamische afwisseling, met name tussen het serene 'Let justice and judgement' en het uitbundige 'Allelujah'.  

Na de pauze volgde het hoogtepunt van dit concert, de Funeral Anthem 'The ways of Zion do mourn' (HWV 264). Händel componeerde dit stuk na het overlijden in 1737 van koningin Caroline, zijn beschermvrouwe. Instrumentele-, solistische- en koorpassages wisselen elkaar af in twaalf delen die qua thematiek en stemming contrasteren. Ook in dit aangrijpende werk legde het orkest een veerkrachtige basis, waarop koor en solisten zich prima konden bewegen en waarbij zowel het vocale solistenkwartet als het kamerkoor alle kans kregen om te schitteren. Naast de eerder genoemde bas en sopraan deed dat ook de soepel zingende tenor Niek van den Dool. De prachtige alt Kadri Tegelman had helaas moeite om in de lage ligging goed hoorbaar te blijven. Het koor maakte indruk in de meer dan stevige fortepassages 'How are the migthy fall'n' en in de aangrijpend zacht en gedragen gezongen 'Their bodies are buried in peace'. Juist de technisch moeilijke zachte passages werden door het koor loepzuiver en in perfecte balans en harmonie gezongen. Jammer was dat  tussentijds de instrumenten gestemd moesten worden, hetgeen de concentratie en de sfeer enigszins doorbrak. Maar de zuiverheid van de snel verstemmende oude instrumenten is natuurlijk zeker zo belangrijk.

Het publiek in de goed gevulde en toch muisstille kerk hield soms de adem in en moest af en toe een traan wegpinken. Het applaus na afloop was overdonderend en welverdiend. We mogen in Veenendaal nog veel van 'ons' kamerkoor en zijn betrekkelijk jonge dirigent verwachten.

[recensie: Bavo Hopman]

Artikel uit De Gelderlander van 22-05-2006 door Antonie den Ridder

Degelijke uitvoering van jubilerend koor
terug

Artikel uit De Veenendaals Krant van 19-11-2003 door Antoinet Kooman

Veenendaals Kamerkoor werkt aan eerste muziektheaterproductie

VEENENDAAL - "Die laatste aria van Dido is top opera. `Blijf aan me denken, niet aan het lot dat ik onderging`. Misschien heb ik haar al wel 50 keer gehoord, maar het stuk blijft me ontroeren," zegt Nico Hartog. Hij leeft dan ook toe naar het moment dat hij de opera Dido en Aeneas als lid van het Veenendaals Kamerkoor mee mag zingen, tijdens de eerste muziektheaterproductie in de geschiedenis van het koor. Op zaterdag 14 februari gaat het gebeuren in De Lampegiet, compleet met professionele solisten, een orkest, dansers en beeldprojecties.

Het Veenendaals Kamerkoor is in 1982 opgericht, omdat er tot dan toe alleen gezongen kon worden in grote (christelijke) koren. "Een klein koor vraagt meer van de zangers," weet de huidige voorzitter, Guus Fennema. "Iedereen is hoorbaar. Of iemand wel of niet aanwezig is, dat merk je." Zelfs nu nog, want het aantal leden is verdubbeld ten opzichte van de beginjaren. Tussen de 30 en de 35 leden oefenen nu wekelijks op maandagavond in gebouw Sola Fide, aan de Eikenlaan in Veenendaal. Ze worden begeleid door een professionele dirigent. "Dat spreekt me ook aan: het hoge ambitieniveau dat je met een klein koor kunt bereiken," gaat Fennema verder. "Bij een repetitie denk ik wel eens: moet het nu nog een keer overnieuw en nog een keer? Maar op een gegeven moment voel je dat het er in zit. Nou, dan wil je er alles uit halen, ook!" 
Kamerkoor repeteert voor de Dido & Aeneas. foto: Herman Stöver Datzelfde geldt voor de dirigent die sinds december 2000 de scepter zwaait over het Veenendaals Kamerkoor: Robbert van Steijn uit Soesterberg. Daarmee is het opera-avontuur eigenlijk begonnen. Het koor had al heel wat noten op haar zang staan: kerstconcerten met Christmas Carols, paasconcerten met de Mattheüs-passion en de Messiah, requiems, composities voor de mis, chansons en stukken waarvan de naam alleen al indrukwekkend is, zoals `madrigalen`, `motetten` en `antifonen`. Johannes Sebastiaan Bach, Benjamin Britten en Joseph Haydn komen verschillende malen in het repertoire terug. Maar ook dat is even veelzijdig als het genre klassieke muziek zelf. De dirigenten legden steeds hun eigen accenten. 

"Wij maken er een avond van voor de hele stad" 
Zo ook Robbert van Steijn. In 1997 werd hij benoemd tot dirigent van de Hoofdstad Operette Amsterdam. Op dit moment heeft hij de muzikale leiding in de Joop van den Ende productie `The Sound of Music`. En hij is werkzaam bij de Nationale Reisopera. "Waarom niet een keer een opera uitvoeren?," vroeg hij de leden van het Veenendaals Kamerkoor. Dat had al eerder werken uitgevoerd van Henry Purcell, die ook de opera Dido en Aeneas heeft geschreven. `Leuk,` reageerden de meesten tot grote vreugde van opera-liefhebber Nico Hartog. Of het nu zijn enthousiasme of dat van de dirigent was: het Veenendaals Kamerkoor besloot `er iets van te gaan maken voor de hele stad`. 
Om jong en oud aan te spreken is allereerst gekozen voor een moderne uitvoering. "We wilden niet netjes opgesteld in pak met vlinderdas, maar een opera met spel," vertelt voorzitter Fennema. "Dus hebben we beroepssolisten gevraagd voor de hoofdrollen. Er zijn wel bijrollen die door onze leden worden gezongen," - zo is Fennema de `sailor` en neemt zijn vrouw de `first witch` voor haar rekening - "maar het koor als geheel is eigenlijk het moralistische vingertje: vraagt de hoofdrolspelers en het publiek `wat hebben jullie nu eigenlijk geleerd?" Hartog: ,,Net als in de Griekse tragedie. Daar geeft het koor ook altijd commentaar." 
Het verhaal komt dan ook uit het boek `Aeneis`, van de Griekse dichter Vergilius. Musicus Henry Purcell bewerkte het in 1690 tot een compact zangspel voor een meisjeskostschool in Chelsea, `als tussendoortje`. Nu is het één van de populairste barok-opera`s waarbij vermakelijke heksenscčnes en zeemansmuziek het wankelmoedige gedrag van Aeneas afwisselen. De (anti)held moet zijn geliefde koningin Dido verlaten op last van de goden. Maar dat durft hij haar niet te zeggen. Dido`s schitterende solo voordat ze zich uit liefdesverdriet van de rotsen stort, is volgens Hartog `de top van de opera`. "`Blijf aan me denken, niet aan het lot dat ik onderging`: misschien heb ik dat als wel 50 keer gehoord, en ook uitgevoerd gezien. En het blijft prachtig." Ik denk door de emoties die je over je heen krijgt." Fennema: "Qua begeleiding is de scčne ook heel subtiel. Het blijft een doodstrijd tot de dirigent ontspant." 

"Het blijft een doodstrijd, tot de dirigent ontspant."
Twee dansers gaan de klaagzang kracht bij zetten. Een orkest van 13 beroepsmuzikanten begeleidt het koor en de solisten onder meer op luid en clavecimbel. Regisseur Henk Willems heeft de opera geënsceneerd rondom een ziekenhuisbed. En er is een werkgroep bezig met een projectie van schilderijen op de achterwand. Fennema: "In Doetinchem staat een kasteel, dat heet De Slangenburg. De eigenaar verzamelt schilderijen. Van onweer, bliksem en wolken voor de zon. De bedoeling is dat we daar foto`s van gaan maken en die projecteren bij wijze van decor." 
Behalve met een eigentijdse vertaling, hoopt het Veenendaals Kamerkoor de drempel voor mensen om een opera te bezoeken ook te verlagen door van tevoren een toelichting op het stuk te geven. "Iemand geeft een samenvatting van het verhaal - dat in het Engels gezongen wordt - en legt uit waarom de regisseur met zijn vertaling bedoelt te zeggen. We laten dan nog genoeg over aan de verbeelding van mensen; die kunnen hopelijk nog veel meer in de opera opgaan omdat ze zich niet steeds hoeven afvragen: wat gebeurd er nu precies?" legt Hartog uit. Ook het cursusproject Veenendaal maakt Veenendaal wijzer, organiseert een voorbespreking. "Daarbij krijgt het muziekstuk alle aandacht. Zodat je met andere oren kan gaan luisteren," legt hij uit. 
Tenslotte heeft de opera-liefhebber het Christelijk Lyceum Veenendaal bij Aeneas & Dido weten te betrekken. "De afdeling klassieke talen, Engels en geschiedenis, gaat het stuk na de kerstvakantie als project behandelen. Ze waren heel enthousiast over dat idee, want de opera biedt heel veel aanknopingspunten voor een les." De uitvoering van het Veenendaals Kamerkoor op 14 februari is de afsluiting. "Verplicht is het niet, maar scholieren mogen wel tegen gereduceerd tarief komen. Of ik verwacht dat ze dan komen? Ik weet het in elk geval al van een gymnasiast van 13 jaar. Die heeft het al in z`n agenda gezet." 

Gemeentelijk subsidie koren: `onnadenkend en willekeurig` 
De enige wanklank aan het project is het uitblijven van extra gemeentelijke subsidie. De muziektheaterproductie kost het koor 16.000 euro. De voorzitter heeft al diverse malen uitgelegd dat de opera zo`n bijzonder initiatief is, dat de gemeente daar aan bij moet dragen. Maar die houdt vast aan de zogeheten `korenregeling`, op grond waarvan het Veenendaals Kamerkoor maximaal 560 euro voor elk van de twee concerten per jaar krijgt. Fennema: "Daar kun je net twee solisten van betalen. Bovendien staat het niet in verhouding tot wat de Scheepjeswolharmonie of Artis Amore jaarlijks aan subsidie krijgen. Neem de Christelijke Oratoriumvereniging. Die krijgt momenteel wel acht maal zoveel als wij, terwijl onze kosten voor professionele inhuur overeenkomstig zijn. Ze hebben kennelijk een aparte regeling getroffen met de gemeente. En dat krijgen wij niet voor elkaar omdat er niets veranderd tot in 2005 het nieuwe Lokale Sociaal Beleid is ingevoerd." 
Hartog: "We zijn dus eigenlijk slachtoffer van de onnadenkendheid van een totaal willekeurige verdeling van het subsidiegeld." Daar komt nog bij dat theater De Lampegiet de kortingen voor amateur-gezelschappen op de zaalhuur heeft wegbezuinigd. "Daarom zijn we alleen aan huur al 4.000 euro kwijt, want we hebben de zaal ook nog een avond nodig voor een generale repetitie," rekent Fennema voor. Toch ziet hij het niet somber in. De voorzitter heeft al subsidie weten te krijgen van het Prins Bernhard Cultuurfonds, het VSB fonds, het K.F. Heinfonds en de Fortis-bank. "De kaartverkoop is half oktober gestart. Het geld moet er komen. Daar gaan we voor." 
Hopelijk eindigt het avontuur gelukkiger dan dat van Aeneas en Dido. Al kunnen ze zich waarschijnlijk geen mooier slotakkoord voorstellen dan de laatste aria van Dido.
(Foto: Herman Stöver)

terug

Recensie concert op 5 juni 2002 uit "De Gelderlander"

Artikel uit De Gelderlander van 10-06-2002 door WIL KOX. 
Uitdagende benadering madrigaal
    De 16e en 17e eeuwse madrigalen leveren een schat aan muzikale informatie op voor wie wil weten hoe onze Westerse instrumentale muziek is ontstaan. In de Renaissance namelijk dient zich via al die canzones en madrigalen mede de geboorte aan van de opera en dan blijkt definitief de voedingsbodem aanwezig voor de ontwikkeling van op zichzelf staande instrumentale muzikale vormen. 
    Tegen deze achtergrond moet men het concert van het Veenendaals Kamerkoor van zaterdagavond in de Brugkerk zien. Maar naast dit leerzame karakter, was er uiteraard sprake van een koorconcert zonder meer, waarbij de verdieping van koor en dirigent in deze muzikale vorm voorop stond. 
    Aan de hand van het madrigaal, zoals dit gecomponeerd werd door o.a. Praetorius, Ortiz, de Lassus, Passereau en Morley, werd deze avond een zeer interessante muzikale tocht gemaakt. Uiteraard gaan al die madrigalen over het leven, de natuur en vooral over de liefde. Daardoor vormen al die uiteenlopende teksten voor de componisten ook de inspiratiebron voor een zeer uiteenlopende toonzetting, waarin ernst, beschouwelijkheid maar vooral ook humor afwisselend te horen zijn.
    Juist dit variërende aspect in het muzikaal gebodene is bij dirigent Robbert van Steijn in uitstekende handen. Dat moet eigenlijk ook wel, want gezien de tijdgeest waarin gecomponeerd werd, was er op het eerste gehoor bij al die madrigalen niet al te veel aan verscheidenheid in muzikale uitwerking te bespeuren. Dat moet het dan hebben van een koor en een bezielende dirigent, die door hun elastische en uitdagende benadering van ieder madrigaal afzonderlijk nog eens extra aandacht opeisen voor de charme van ieder lied afzonderlijk. 
    Het resultaat werd zo toch nog spannend, zeker wanneer men nog eens denkt aan de dynamiek en de expressiviteit die werd gelegd in madrigalen als het bekende Matona mia cara, het Il est bel et bon, dat er echt uitspatte, het schoon klinkende Weep o mine eyes en ook nog het zeer losgezongen Fair Phyllis I saw sitting. Al met al was er sprake van een goed verzorgd koorconcert door een koor met een opvallend goede ensemblecultuur. 
    De instrumentale begeleiding en ook de bijdragen aan dit concert van het Ensemble Fortuna voegden zich naadloos in het geheel van de programmering. Als zodanig droeg de combinatie van fluit, luit en viola da gamba in hoge mate bij tot de sfeer van muzikaal lang vervlogen tijden die over de avond hing. Overigens werd het concert door de verschillende koorleden uitstekend toegelicht. 
    Het Veenendaals Kamerkoor onder leiding van Robbert van Steijn. Met medewerking van het Ensemble Fortuna bestaande uit: Jacqueline Dubach, consortfluiten en blokfluit, Elly van Munster, luit, Pieta Gardien, viola da gamba en Hanneke Waardenburg, viola da gamba. Gehoord: zaterdagavond in de Brugkerk in Veenendaal.

terug

Recensie concert op 18 november 2001 uit "NH Dagblad"

terug

Verslag concert op 17 november 2001 in Veenendaal.
Na de succesvolle optredens in Haarlem en Veenendaal met de Via Crucis van Franz List en motteten van Bruckner vonden op 17 en 18 november 2001 in Veenendaal en Zaandam concerten plaats met muziek uit de 20e en 21e eeuw.
Centraal stond de Mis van Igor Stravinsky voor koor en dubbel blazerskwintet. Stravinsky schreef deze mis in 1948. Het koor werd begeleid door hobo, althobo, trombone, trompet en fagot.

Samen met Zaans Blazersensemble in de Brugkerk. foto: Rauke de Jong

Het concert werd geopend door het koor met de a-capella motetten Tantum Ergo, Virga Jesse en Cristus factus est van Bruckner, gevolgd door de een van de motetten op.74 van Johannes Brahms voor 4- tot 6-stemmig gemengd koor met tekst ontleend aan de bijbel en Luther.

Hierna kon worden geluisterd naar Mládi (= Jeugd), een stuk voor blaassextet uit 1924, door de Tsjechische componist Janácek. Dit werk werd sfeervol vertolkt door de blazers uit het Zaans Blazers Ensemble.
Het optreden van het blazersensemble werd na de pauze vervolgd met een compositie van de Nederlander Tristan Keuris: Capriccio (1978). Keuris schreef dit werk voor het Nederlands Blazersensemble.

De avond werd besloten met de uitvoering van de Mis van Igor Stravinsky. Deze Mis 'ter ere van Sint-Marcus' werd geschreven voor gebruik in de eredienst. Stravinsky grijpt terug op de strenge soberheid van Guillaume de Machaut (14e eeuw), die als eerste een meerstemmige zetting van de misgezangen schreef, en verwerkt die door toevoegingen, variaties, klankkleur en vooral ritme tot iets geheel eigens.

Het Veenendaals Kamerkoor en het Zaans Blazers Ensemble stonden beiden onder leiding van dirigent Robbert van Steijn.
terug

Wilt u op de hoogte gehouden van komende concerten, stuur ons dan een e-mail.