|
Homepage van het Veenendaals Kamerkoor
|
|
Van onze concerten verschijnen regelmatig recensies in de pers. Van concerten waarvan geen recensie is
verschenen worden ook wel losse verslagen opgenomen. U kunt kiezen uit onderstaande berichten:
Verslag concert van 8 november 2008 "Muziek voor koningen en koninginnen" "Muziek voor koningen en koninginnen" - zaterdag 8 november 2008 Een hele avond Händel, wordt dat niet saai? Die vrees bleek uitermate ongegrond, moet ik bekennen, na dit zeer overtuigende concert van het Veenendaals Kamerkoor met medewerking van een prachtig barokensemble en dito solistenkwartet. Het geheel stond onder de strakke leiding van dirigent Herman Mussche, die op overtuigende wijze het hele spectrum aan emoties liet opklinken uit koor, orkest en solisten. Uit de muziek voor koningen en koninginnen uit Händels Engelse periode bracht het orkest eerst de vierdelige ouverture voor het oratorium Saul, afgewisseld met twee minder bekende aria's uit de 'Anthem for the wedding of Frederick and Augusta'. Volgens de introductie van de welsprekende voorzitter van het koor speelden er instrumentalisten uit verschillende Europese landen, Australië, Zuid-Amerika en Azië in het elfkoppige orkest. De orkestklank was er niet minder homogeen om. Het speelplezier straalde van het multiculturele gezelschap af. Soepele strijkers en warme blazers, allen op oude instrumenten, en een perfect in elkaar grijpende continuo toonden een subtiele beheersing van legato en staccato passages en reageerden als één instrument op de heldere slag van de dirigent. De Estlandse sopraan Maria Valdmaa en de Nederlandse bas Robert Brouwer vielen in positieve zin op. Met grote souplesse en ruim volume vulden ze de kerk met feestmuziek. Het massaal toegestroomde publiek beloonde hun optreden met een gul applaus, ook op momenten waar dat eigenlijk minder passend was, maar het tekende wel het grote enthousiasme. Na het oratorium brachten koor en orkest de driedelige Coronation Anthem 'Let thy hand be strengthened'. Het Veenendaals kamerkoor liet zich hier van zijn beste kant horen en mengde heel natuurlijk met het orkest. Opvallend waren de mooie balans in het koor, de zuiverheid en de dynamische afwisseling, met name tussen het serene 'Let justice and judgement' en het uitbundige 'Allelujah'. Na de pauze volgde het hoogtepunt van dit concert, de Funeral Anthem 'The ways of Zion do mourn' (HWV 264). Händel componeerde dit stuk na het overlijden in 1737 van koningin Caroline, zijn beschermvrouwe. Instrumentele-, solistische- en koorpassages wisselen elkaar af in twaalf delen die qua thematiek en stemming contrasteren. Ook in dit aangrijpende werk legde het orkest een veerkrachtige basis, waarop koor en solisten zich prima konden bewegen en waarbij zowel het vocale solistenkwartet als het kamerkoor alle kans kregen om te schitteren. Naast de eerder genoemde bas en sopraan deed dat ook de soepel zingende tenor Niek van den Dool. De prachtige alt Kadri Tegelman had helaas moeite om in de lage ligging goed hoorbaar te blijven. Het koor maakte indruk in de meer dan stevige fortepassages 'How are the migthy fall'n' en in de aangrijpend zacht en gedragen gezongen 'Their bodies are buried in peace'. Juist de technisch moeilijke zachte passages werden door het koor loepzuiver en in perfecte balans en harmonie gezongen. Jammer was dat tussentijds de instrumenten gestemd moesten worden, hetgeen de concentratie en de sfeer enigszins doorbrak. Maar de zuiverheid van de snel verstemmende oude instrumenten is natuurlijk zeker zo belangrijk. Het publiek in de goed gevulde en toch muisstille kerk
hield soms de adem in en moest af en toe een traan wegpinken. Het applaus na
afloop was overdonderend en welverdiend. We mogen in Veenendaal nog veel van
'ons' kamerkoor en zijn betrekkelijk jonge dirigent verwachten. Artikel uit De Gelderlander van 22-05-2006 door Antonie den Ridder
Degelijke uitvoering van jubilerend koor
Artikel uit De Veenendaals Krant van 19-11-2003 door Antoinet Kooman
Veenendaals Kamerkoor werkt aan eerste muziektheaterproductie
VEENENDAAL -
"Die laatste aria van Dido is top opera.
`Blijf aan me denken, niet aan het lot dat ik onderging`. Misschien heb ik haar
al wel 50 keer gehoord, maar het stuk blijft me ontroeren," zegt Nico
Hartog. Hij leeft dan ook toe naar het moment dat hij de opera Dido en Aeneas
als lid van het Veenendaals Kamerkoor mee mag zingen, tijdens de eerste
muziektheaterproductie in de geschiedenis van het koor. Op zaterdag 14 februari
gaat het gebeuren in De Lampegiet, compleet met professionele solisten, een
orkest, dansers en beeldprojecties.
Het Veenendaals Kamerkoor is in 1982 opgericht, omdat er tot dan toe alleen gezongen kon worden in grote
(christelijke) koren. "Een klein koor vraagt meer van de zangers," weet de huidige voorzitter, Guus Fennema.
"Iedereen is hoorbaar. Of iemand wel of niet aanwezig is, dat merk je." Zelfs nu nog, want het aantal leden
is verdubbeld ten opzichte van de beginjaren. Tussen de 30 en de 35 leden oefenen nu wekelijks op maandagavond
in gebouw Sola Fide, aan de Eikenlaan in Veenendaal. Ze worden begeleid door een professionele dirigent.
"Dat spreekt me ook aan: het hoge ambitieniveau dat je met een klein koor kunt bereiken," gaat Fennema verder.
"Bij een repetitie denk ik wel eens: moet het nu nog een keer overnieuw en nog een keer? Maar op een gegeven
moment voel je dat het er in zit. Nou, dan wil je er alles uit halen, ook!"
"Wij maken er een avond van voor de hele stad"
"Het blijft een doodstrijd, tot de dirigent ontspant."
Gemeentelijk subsidie koren: `onnadenkend en willekeurig` Recensie concert op 5 juni 2002 uit "De Gelderlander" Artikel uit De Gelderlander van 10-06-2002 door WIL KOX.Uitdagende benadering madrigaal De 16e en 17e eeuwse madrigalen leveren een schat aan muzikale informatie op voor wie wil weten hoe onze Westerse instrumentale muziek is ontstaan. In de Renaissance namelijk dient zich via al die canzones en madrigalen mede de geboorte aan van de opera en dan blijkt definitief de voedingsbodem aanwezig voor de ontwikkeling van op zichzelf staande instrumentale muzikale vormen. Tegen deze achtergrond moet men het concert van het Veenendaals Kamerkoor van zaterdagavond in de Brugkerk zien. Maar naast dit leerzame karakter, was er uiteraard sprake van een koorconcert zonder meer, waarbij de verdieping van koor en dirigent in deze muzikale vorm voorop stond. Aan de hand van het madrigaal, zoals dit gecomponeerd werd door o.a. Praetorius, Ortiz, de Lassus, Passereau en Morley, werd deze avond een zeer interessante muzikale tocht gemaakt. Uiteraard gaan al die madrigalen over het leven, de natuur en vooral over de liefde. Daardoor vormen al die uiteenlopende teksten voor de componisten ook de inspiratiebron voor een zeer uiteenlopende toonzetting, waarin ernst, beschouwelijkheid maar vooral ook humor afwisselend te horen zijn. Juist dit variërende aspect in het muzikaal gebodene is bij dirigent Robbert van Steijn in uitstekende handen. Dat moet eigenlijk ook wel, want gezien de tijdgeest waarin gecomponeerd werd, was er op het eerste gehoor bij al die madrigalen niet al te veel aan verscheidenheid in muzikale uitwerking te bespeuren. Dat moet het dan hebben van een koor en een bezielende dirigent, die door hun elastische en uitdagende benadering van ieder madrigaal afzonderlijk nog eens extra aandacht opeisen voor de charme van ieder lied afzonderlijk. Het resultaat werd zo toch nog spannend, zeker wanneer men nog eens denkt aan de dynamiek en de expressiviteit die werd gelegd in madrigalen als het bekende Matona mia cara, het Il est bel et bon, dat er echt uitspatte, het schoon klinkende Weep o mine eyes en ook nog het zeer losgezongen Fair Phyllis I saw sitting. Al met al was er sprake van een goed verzorgd koorconcert door een koor met een opvallend goede ensemblecultuur. De instrumentale begeleiding en ook de bijdragen aan dit concert van het Ensemble Fortuna voegden zich naadloos in het geheel van de programmering. Als zodanig droeg de combinatie van fluit, luit en viola da gamba in hoge mate bij tot de sfeer van muzikaal lang vervlogen tijden die over de avond hing. Overigens werd het concert door de verschillende koorleden uitstekend toegelicht. Het Veenendaals Kamerkoor onder leiding van Robbert van Steijn. Met medewerking van het Ensemble Fortuna bestaande uit: Jacqueline Dubach, consortfluiten en blokfluit, Elly van Munster, luit, Pieta Gardien, viola da gamba en Hanneke Waardenburg, viola da gamba. Gehoord: zaterdagavond in de Brugkerk in Veenendaal. terug Recensie concert op 18 november 2001 uit "NH Dagblad" terug
Verslag concert op 17 november 2001 in Veenendaal.
Het concert werd geopend door het koor met de a-capella motetten Tantum Ergo, Virga Jesse en Cristus factus est van Bruckner, gevolgd door de een van de motetten op.74 van Johannes Brahms voor 4- tot 6-stemmig gemengd koor met tekst ontleend aan de bijbel en Luther.
Hierna kon worden geluisterd naar Mládi (= Jeugd), een stuk voor blaassextet uit 1924,
door de Tsjechische componist Janácek. Dit werk werd sfeervol vertolkt door de blazers
uit het Zaans Blazers Ensemble.
De avond werd besloten met de uitvoering van de Mis van Igor Stravinsky. Deze Mis 'ter ere van Sint-Marcus' werd geschreven voor gebruik in de eredienst. Stravinsky grijpt terug op de strenge soberheid van Guillaume de Machaut (14e eeuw), die als eerste een meerstemmige zetting van de misgezangen schreef, en verwerkt die door toevoegingen, variaties, klankkleur en vooral ritme tot iets geheel eigens.
Het Veenendaals Kamerkoor en het Zaans Blazers Ensemble stonden beiden onder leiding van dirigent Robbert van Steijn.
Wilt u op de hoogte gehouden van komende concerten, stuur ons dan een e-mail. |